Een dorpshuis voor wie onderweg is

Gesprek  
MARCEL architecten  
23 Oktober 2025

Wat betekent het om te bouwen voor mensen die zelden ergens blijven? Aan de rand van Gent, op het doortrekkersterrein, ontwierp MARCEL architecten – het duo Carmine Van der Linden en Koen Schoukens – een nieuw paviljoen voor de reizende gemeenschap van woonwagen­bewoners. Geen klassiek buurtgebouw, maar een houten constructie die zorg, ontmoeting en onderwijs samenbrengt. Een plek om even neer te strijken.

Het project kwam tot stand via de lijst van beloftevolle ontwerpers van de stadsbouwmeester, en werd gebouwd in opdracht van Stad Gent, FM Themagebouwen. Stadsbouwmeester Peter Vanden Abeele ging met de ontwerpers in gesprek over wat het betekent om voor een gemeenschap te ontwerpen die zich moeilijk laat vangen – in plannen, regels of stenen.

Een gemeenschap in beweging

Het doortrekkersterrein is een plek waar woonwagenbewoners tijdelijk halt houden – maximum drie weken, een paar keer per jaar. Die kortstondigheid bepaalt alles: hoe mensen leven, leren, elkaar ontmoeten. “De bewoners leiden hun eigen leven,” zegt Carmine Van der Linden. “Ze hebben hun eigen netwerk, hun eigen ritme. Wie hier iets wil betekenen, moet letterlijk naar hen toe komen.”
Het paviljoen moest precies dat mogelijk maken: onderwijs en eerstelijnszorg aanbieden op het terrein zelf. Een klaslokaal, een consultatieruimte, een plek voor ontmoeting. “Een leslokaal van zeventig vierkante meter,” herinnert Peter Vanden Abeele zich. “Dat was de eenvoudige omschrijving van de opdracht.”

Van rand naar hart

 

 

Aanvankelijk was het gebouw gepland achter het administratieve blok, buiten het zicht. MARCEL schoof het resoluut naar voren – midden op het terrein. “We dachten aan de figuur van een dorpshuis,” zegt Koen Schoukens. “Een centrum in plaats van een bijgebouw. Een dorpshuis voor een dorp dat voortdurend in beweging is.” De ligging bleek bepalend. Waar eerst een logistieke restzone lag, ontstond een nieuw centrum. De kinderen noemen het gebouw intussen “l’école”. De drie functies – klas, consultatieruimte en ontmoetingslokaal – liggen rond een grote luifel, het hart van het ontwerp. Ze biedt beschutting, verbindt binnen en buiten, en maakt het gebouw herkenbaar. “Mensen hier leven onder de luifel van hun caravan,” zegt Peter. “Dat kinderen nu hun eigen luifel hebben, is een genereus gebaar.”

Ook de haard kreeg een centrale rol. “We wilden iets toevoegen dat het groepsgevoel versterkt,” zegt Koen. “Een haard is een oervorm van samenkomen. Zelfs al brandt er geen vuur, het gebaar zegt genoeg.” De haardmantel op een sokkel van prefab rioolbuis draagt letterlijk de luifel – sociaal en structureel tegelijk.




Een caravan in hout

Voor MARCEL was het paviljoen een reflectie op het mobiele wonen. “We zagen het als een vaste caravan,” vertelt Carmine. “Een gebouw dat even huiselijk als verplaatsbaar is.” Die gedachte leidde tot een volledig demonteerbare constructie in massief hout (CLT) op schroefpalen. Zelfs de betonnen prefab keerelementen en metalen funderingspalen kunnen later weer worden verwijderd. “Het gebouw is verplaatsbaar,” legt Koen uit. “Niet als gimmick, maar omdat dat past bij het DNA van deze plek. Als het terrein ooit verdwijnt, kan dit gewoon mee.”

De keuze voor CLT was niet evident. De opdrachtgevers dachten aanvankelijk aan baksteen en beton – robuuste materialen. “Maar robuust is niet altijd duurzaam,” zegt Koen. “Hier was circulariteit een logische, geen modieuze keuze.”

Robuust én licht

De houten structuur kreeg een huid van geoliede vezelcementplaten. De montage bleef zichtbaar, als bij marmeren platen in klassieke architectuur. “We wilden de logica tonen,” zegt Carmine. “Je ziet hoe het gemaakt en bevestigd is”. Die eerlijkheid zit ook in de schaal. Alles is zorgvuldig uitgemeten: de maat van de platen, de afstand tussen de schroeven, de verhoudingen tussen gevel en luifel. “Het is een soort ideale zelfbouwkast,” zegt Koen. “Klein, maar precies gebouwd.”

Om het volume lichter te maken, bedachten de ontwerpers een spiegelende dakrand die de kruinen van de bomen weerkaatst. Zo gaat het gebouw op in zijn omgeving. “Het is het meest onzichtbare materiaal om een zwaar dakpakket luchtig te maken,” zegt Peter.

 

 

Een publieke opdracht met betekenis

Voor MARCEL was dit de eerste publieke opdracht. De lijst beloftevolle ontwerpers bewees opnieuw haar waarde: jonge bureaus krijgen ruimte om verantwoordelijkheid op te nemen en te groeien. “We voelden dat we iets konden betekenen,” zegt Koen. “Architectuur inzetten voor mensen die zelden worden bereikt – dat is waardevol.” “Er was een open dialoog,” zegt Carmine. “De haard, de luifel, de houten structuur – het vroeg overtuigingskracht, maar het kon allemaal.” Ook de bouw verliep vlot. De prefabricatie van de houten elementen liet toe om alles efficiënt te monteren. Het resultaat is een compact, precies gebouw dat robuust genoeg is voor intensief gebruik, maar tegelijk lichtvoetig in zijn aanwezigheid.

“Het paviljoen kan meegroeien met de plek,” besluit Peter. “Of verdwijnen, als het moet. Die openheid hoort bij de opdracht. Architectuur hoeft niet altijd eeuwig te zijn om betekenis te hebben.”

Bregje Provo (Team Stadsbouwmeester)

——

Website MARCEL Architecten

Datum ontwerp: juni 2022
Datum oplevering: september 2025
Oppervlakte: 170 m², luifel inclusief
Bouwbudget: 596.000 € excl. btw
Partners: Lab15, H110 architecten en ingenieurs, AB-Solid